De Proeven:

Proef 1:
"The Hedgerow"
Tijdens deze proef wordt de Spaniel geacht een houtwal uit te jagen. Na ongeveer 20 meter af te hebben gejaagd wordt er een fazant geflusht en valt er een schot. De hond dient steady te zijn. Er is helaas misgeschoten, we jagen door. Na ongeveer 30 meter door te hebben gejaagd gaat een tweede fazant op en valt er opnieuw een schot. Ditmaal is het raak, de hond stopt/zit en markeert de valplaats. Op aanwijzing van de keurmeester krijgt de voorjager de opdracht de hond uit te sturen en het apport binnen te halen. Apport binnen? Dan jagen we door, al vrij snel valt rechts achter ons een derde schot, er is een fazant geschoten die de zowel de hond als voorjager niet hebben zien vallen. De keurmeester is wel op de hoogte van de valplaats en geeft bij de voorjager aan welke richting hij/zij de hond uit moet sturen om het apport (een blind) binnen te halen.
Het Jagen:
Het jagen wordt tijdens deze proef het zwaarst beoordeeld. Neemt de hond vlot de dekking aan zonder al teveel aanmoediging, jaagt hij/zij met een ras typische stijl. Steadiness op schot is een pre.
Bij deze proef wordt onderstaande als ongewenst gezien:
Te veel fluit gebruik, het niet willen jagen, continu uit de dekking komen of buiten de dekking willen jagen, luid jagen vanuit de hond of compleet uit de hand gaan.
De Apporten:
De apporten dienen vlot en zonder onnodig overpakken binnen te komen. De apporten dienen staand of zittend in de hand te worden afgegeven aan de voorjager.
Als ongewenst wordt gezien: Het veelvuldig overpakken, weigeren te apporteren of hardheid in de bek en zullen lijden tot puntenaftrek.
De keurmeester zal de honden die in de openklasse meelopen het zwaarst beoordelen. Voor de Novice en Startersklasse zal bij de beoordeling door de keurmeester enige nuance worden toegepast.
Steadiness:
De jagende hond dient op schot te stoppen of te zitten dit noemen we steady zijn op schot. De term steadiness wordt ook gebruikt wanneer de hond op aanwijzing van de voorjager wacht om te apporteren.
Als ongewenst wordt gezien: De hond die niet stopt/zit op schot en/of zonder commando apporteert. Beide zullen lijden tot puntenaftrek.
De organisatie/keurmeester behouden zich het recht de proeven aan te passen waar zij dat op de dag zelf nodig achten.
Tijdens deze proef kan men een totaal van 50 punten behalen:
- Jagen: 25 punten
- Steadiness: 15 punten
- Apport 1 (Markeer): 5 punten
- Apport 2 ( Blind): 5 punten

Proef 2:
"The Duck Pond"
Tijdens deze proef gaan we links en rechts van ons een strook bramen en riet uit jagen. Vanuit de rietkant horen we een aantal eenden opgaan, door het geweer dat aan de overkant van de Duck pond (eendenvijver) staat wordt een eend geschoten. Voor de openklasse geldt dat de eend aan de overkant van het water valt. Voor de starters en de novice klasse valt de eend in het water. De hond dient op schot te zitten/stoppen. Op aanwijzing van de keurmeester mag de eend worden geapporteerd.
Wanneer de hond op de terugweg is naar de baas gaat er nog een eend op, ook deze wordt geschoten en valt voor zowel de open als starters en novice klasse in het water. Wanneer de eerste eend binnen is zal de voorjager de opdracht van de keurmeester krijgen de tweede eend binnen te halen.
Voor de openklasse geldt dat de hond aan de overkant van de vijver het eerste apport moet apporteren en de tweede apport uit het water.
Voor de Starters en Novice klasse geldt dat zij beide apporten uit het water moeten apporteren.
Het Jagen:
Het jagen wordt tijdens deze proef het zwaarst beoordeeld. Neemt de hond vlot de dekking aan zonder al teveel aanmoediging en jaagt hij/zij met een ras typische stijl. Steadiness op schot is een pre.
Bij deze proef wordt onderstaande als ongewenst gezien:
Te veel fluit gebruik, het niet willen jagen, continu uit de dekking komen of buiten de dekking jagen, luid jagen vanuit de hond of compleet uit de hand gaan.
De Apporten:
De apporten dienen vlot en zonder onnodig overpakken binnen te komen. De apporten dienen staand of zittend in de hand te worden afgegeven aan de voorjager.
Als ongewenst wordt gezien: het veelvuldig overpakken, weigeren te apporteren of hardheid in de bek. Dit zal lijden tot puntenaftrek.
Steadiness:
De jagende hond dient op schot te stoppen of te zitten: dit noemen we steady zijn op schot. De term steadiness wordt ook gebruikt wanneer de hond op aanwijzing van de voorjager moet wachten om te apporteren.
Als ongewenst wordt gezien: de hond die niet stopt/zit op schot en/of zonder commando apporteert. Beide zullen lijden tot puntenaftrek.
De keurmeester zal de honden die in de openklasse meelopen het zwaarst beoordelen. Voor de Novice en Startersklasse zal bij de beoordeling door de keurmeester enige nuance worden toegepast.
De organisatie/keurmeester behouden zich het recht de proeven aan te passen waar zij dat op de dag zelf nodig achten.
Tijdens deze proef kan men een totaal van 50 punten behalen:
- Jagen: 25 punten
- Steadiness: 15 punten
- Apport 1: 5 punten
- Apport 2 : 5 punten

Proef 3:
"The Roughshoot"
Tijdens deze proef beginnen we met het uitjagen van een slootkant. Tegen het einde van de slootkant gaat een konijn weg in de vorm van een bolting Rabbit (trek konijn) er valt een schot, het konijn ligt. Op aanwijzing van de keurmeester krijgt de voorjager de opdracht de hond uit te sturen en het apport binnen te halen. Apport binnen? Dan jagen we door. We treffen nu een dichte strook zware bramen. Terwijl de hond de dekking aan het uitwerken is vliegt er een duif over ons hoofd, deze wordt geschoten en valt 20 meter voor de hond in de zware dekking. Op aanwijzing van de keurmeester krijgt de voorjager de opdracht de hond uit te sturen en het apport binnen te halen. Apport binnen? Dan jagen we door. Na ongeveer 20 meter gaat er een fazant op, er valt een schot. Helaas! we hebben mis geschoten. De voorjager krijgt van de keurmeester de opdracht de hond in te fluiten en aan te lijnen. We zijn klaar met de proef.
Het Jagen:
Het jagen wordt tijdens deze proef het zwaarst beoordeeld. Neemt de hond vlot de dekking aan zonder al teveel aanmoediging, jaagt hij/zij met een ras typische stijl. Steadiness op schot is een pre.
Bij deze proef wordt onderstaande als ongewenst gezien:
Te veel fluit gebruik, het niet willen jagen, continu uit de dekking komen of buiten de dekking willen jagen, luid jagen vanuit de hond of compleet uit de hand gaan.
De Apporten:
De apporten dienen vlot en zonder onnodig overpakken binnen te komen. De apporten dienen staand of zittend in de hand te worden afgegeven aan de voorjager.
Als ongewenst wordt gezien: het veelvuldig overpakken, weigeren te apporteren of hardheid in de bek en zullen lijden tot puntenaftrek.
Steadiness:
De jagende hond dient op schot te stoppen of te zitten dit noemen we steady zijn op schot. De term steadiness wordt ook gebruikt wanneer de hond op aanwijzing van de voorjager wacht om te apporteren.
Als ongewenst wordt gezien: De hond die niet stopt/zit op schot en/of zonder commando apporteert. Beide zullen lijden tot puntenaftrek.
De keurmeester zal de honden die in de openklasse meelopen het zwaarst beoordelen. Voor de Novice en Startersklasse zal bij de beoordeling door de keurmeester enige nuance worden toegepast.
De organisatie/keurmeester behouden zich het recht de proeven aan te passen waar zij dat op de dag zelf nodig achten.
Tijdens deze proef kan men een totaal van 50 punten behalen:
- Jagen: 20 punten
- Steadiness: 15 punten
- Apport 1 (Markeer): 5 punten
- Apport 2 ( Blind): 5 punten

Proef 4:
"Proof of the Pudding"
Tijdens deze proef gaan we de zware bramen uitjagen. Er lopen twee geweren en een keurmeester met de voorjager mee. De voorjager krijgt de opdracht de hond tussen de twee geweren in te laten jagen. Na ongeveer 10 meter valt er aan de linkerzijde een schot. Op aanwijzing van de keurmeester wordt de voorjager verzocht om de de hond aan de linker flank een konijn binnen te halen. De Keurmeester zal aangeven welke richting de hond gestuurd dient te worden aangezien de hond het apport niet heeft zien vallen. Wanneer het konijn binnen is jagen we door. Aan de rechterzijde valt al vrij snel een tweede schot, hierbij gaat een fazant op die de hond dient te markeren. Op aanwijzing van de keurmeester mag de hond worden gestuurd om het apport binnen te halen. We zijn klaar met de proef.
Het Jagen:
Het jagen wordt tijdens deze proef het zwaarst beoordeeld. Neemt de hond vlot de dekking aan zonder al teveel aanmoediging en jaagt hij/zij met een ras typische stijl. Steadiness op schot is een pre.
Bij deze proef wordt onderstaande als ongewenst gezien:
Te veel fluit gebruik, het niet willen jagen, continu uit de dekking komen of buiten de dekking willen jagen, luid jagen vanuit de hond of compleet uit de hand gaan.
De Apporten:
De apporten dienen vlot en zonder onnodig overpakken binnen te komen. De apporten dienen staand of zittend in de hand te worden afgegeven aan de voorjager.
Als ongewenst wordt gezien: het veelvuldig overpakken, weigeren te apporteren of hardheid in de bek en zullen lijden tot puntenaftrek.
Steadiness:
De jagende hond dient op schot te stoppen of te zitten dit noemen we steady zijn op schot. De term steadiness wordt ook gebruikt wanneer de hond op aanwijzing van de voorjager wacht om te apporteren.
Als ongewenst wordt gezien: de hond die niet stopt/zit op schot en/of zonder commando apporteert. Beide zullen lijden tot puntenaftrek.
De keurmeester zal de honden die in de openklasse meelopen het zwaarst beoordelen. Voor de Novice en Startersklasse zal bij de beoordeling door de keurmeester enige nuance worden toegepast.
De organisatie/keurmeester behouden zich het recht de proeven aan te passen waar zij dat op de dag zelf nodig achten.
Tijdens deze proef kan men een totaal van 50 punten behalen:
- Jagen: 20 punten
- Steadiness: 15 punten
- Apport 1 (Blind): 5 punten
- Apport 2 ( Markeer): 5 punten

Proef 5:
"The Run Off"
Alleen honden uit één en dezelfde klasse die een gelijk aantal punten behalen zullen worden uitgenodigd om in "The Run Off" (barrage) te lopen, dit om een plaatsing (1, 2 en 3) te bepalen.
Verdere uitleg volgt op de dag zelf.
